Lot Vekemans dringt door tot de kern van de pijn

Inhoud:

Vorig jaar won Lot Vekemans de Taalunie Toneelschrijfprijs met haar dialoog Gif, over een man en een vrouw die hun zoontje verloren. De ook door de pers gelauwerde voorstelling – een regie van Johan Simons, gespeeld door Elsie de Brauw en Steven van Watermeulen – is tot en met mei op tournee.


De jury van de Taalunie Toneelschrijfprijs 2010 roemde het trefzekere taalgebruik van Lot Vekemans en merkte op: ‘Gif geeft blijk van een groot gevoel voor psychologie en voor subtekst: Lot Vekemans weet tot de kern van de pijn door te dringen en de complexe emotionaliteit van de personages naar boven te halen.’
Het winnen van de Taalunie Toneelschrijfprijs is misschien wel de grootste eer die een Nederlandstalige toneelschrijver te beurt kan vallen. Behalve dat ze tienduizend euro op haar bankrekening mag bijschrijven betekent de prijs veel meer voor Vekemans: ‘Wat de prijs me vooral heeft opgeleverd is het gevoel van ruimte dat er is opgedoemd. Dat is helemaal anders dan toen ik in 2005 de Van der Vies Prijs van de Vereniging voor Letterkundigen won. Dat was een statement: hier ben ik, hallo. Nu heb ik vooral het gevoel dat alles kan. Dat is heel prettig. Ik heb nu tijd om nieuwe dingen te laten ontstaan. Filosofie studeren, proza schrijven, waarom niet? In de week na de prijsuitreiking heb ik bijna elke dag een rondedansje gemaakt door mijn kamer, en dat doe ik nog steeds.’

Is dat het tastbaarste resultaat van het winnen van de prijs?
‘Het is niet het enige. Ik merkte direct dat dingen in een stroomversnelling kwamen. Ineens kreeg ik allerlei mailtjes uit het buitenland. Van een Franse uitgever die Gif wilde uitgeven, een festival in Sjanghai, mensen uit Moskou toonden interesse en een Spaanse vertaler had ineens het geld voor een vertaling bij elkaar. Waaraan die prijs dus vooral bijdraagt is je internationale verspreiding. Mensen willen bij vertaalde stukken kunnen zeggen dat het een awarded play is. Ik heb grote buitenlandse ambities. Je verbreedt en vernieuwt jezelf door je buiten je landsgrenzen te bewegen. Een ander publiek komt met heel andere vragen. Dat heeft me al eerder gevoed. Ik schrijf niet voor de la, ik schrijf om mensen te bereiken. Elke tekst die ik schrijf is een manier om iets te delen. Met hoe meer mensen dat kan, hoe gelukkiger ik me voel. Merken dat je tekst in de handen van anderen werkt, dat is een heel bijzondere ervaring. Al heb ik me bij Gif wel eens gevoeld als een moeder die haar kind niet mag opvoeden. Ik had het wel geschreven, maar was totaal niet verantwoordelijk voor de uitvoering. Johan Simons heeft Elsie de Brauw en Steven van Watermeulen geregisseerd.’

Toch heb je de conceptie van Gif wel vanaf het prille begin bewerkstelligd. Hoe is dat gegaan?
‘Dat is een mooi voorbeeld van een ideale samenwerking. Ik had al eerder een stuk geschreven waar Elsie de Brauw in speelde, Zus van, een monoloog voor Ifigeneia’s zus Ismene. Die samenwerking klopte helemaal. Regisseur Allan Zipson was Elsie indertijd tegengekomen en had meteen geweten: dat is Ismene. En volgens de overlevering liep Elsie al tien jaar rond met de wens Ismene te spelen, maar kon ze er geen stuk voor vinden. Elsie is zeer betrokken, praat en denkt sterk mee, vanuit een geheel eigen invalshoek. Zo’n gesprek met haar vind ik echt heerlijk. Voor Zus van werd zij genomineerd voor de Theo d’ Or en ik kreeg vervolgens de Van der Vies Prijs. Dat sterkte ons gevoel dat er tussen ons een bijzonder potentieel aanwezig is. Toen ik haar vroeg of ze in nog een stuk van mij wilde spelen, zei ze volmondig ja. Zelf kwam ze toen met het idee van een man en een vrouw die een kind hebben verloren. Dat zette bij mij het schrijfproces in gang. Steven van Watermeulen, Johan Simons of NTGent waren nog helemaal niet in the picture. Wij hebben gewoon besloten dat we samen een stuk gingen maken: we willen dit, we moeten dit.’


Het volledige interview verschijnt later online. Momenteel kan je het lezen in TM.


Cover TM magazine  3 april 2011