Advertentie
Deze tekst werd reeds door 47 personen gedownload (PDF, 178 kB)
Aantal personages
Vrouwen: 1
Structuur
Losse bedrijven
Genre(s)
Jeugdtheater
Ruimte
Onbepaald
Tijd
Heden
Synopsis
Pascale is woonachtig te MARS en tijdens een wat turbulent ritje met haar spaceschip "Vitamientje" beland ze op aarde. Daar maakt ze onder andere kennis met het hondje Laika dat - nadat het de ruimte werd in gekatapulteerd - terug op aarde is beland en verlangt naar het bazinnetje. Pascale zorgt er, samen met tal van politiekorpsen, voor dat hondje en bazinnetje herenigd worden.
INTROMUZIEK - GEOGRAPHIE
't Is hier wel tof, hé?
Op de wereld?
Ik vind het hier wel tof.
'k ga ne keer zeggen wat ik hier allemaal tof vind, hé?
…
Roh, ik kan nu juist op niets komen.
…
Moet ik mijn lichtzwaard ne keer tonen.
Ik ga mijn lichtzwaard ne keer tonen (dat zal beter zijn)
Kijk, die twee klepjes moeten open en dan…
(zwaard valt uit elkaar)
Oei, ’t is kapot!
Ge moet zien
Ge moet zien, zeg
Weete wat?
Ik zal gewoon vertellen hoe het komt dat ik hier ben.
't Is zo.
Vorige week was ik met mijn Spaceschip zo wat toerkes rond Mars aan 't maken en op een gegeven moment valt mijn oog op Dajin, mijn lief. Die was beneden aan het joggen rond zijne unit.
Ik zeg ''k Ga zijn lichtzwaard afpakken!'
En ik vlieg zo heel stil achter hem en dan hup, ik trek zijn zwaard uit zijn schede en ik stijg terug op.
En Dajin verschiet, struikelt en hij valt!
En ik krijg de slappe lach.
En ik lach zo hard dat mijn oorring uit mijn oor popt en op de grond valt.
Ik buk mij om ze op te rapen maar ik vind ze niet en als ik mij weer rechtzet zie ik dat we uit de marsbaan geschoten zijn en recht naar de zon vliegen.
Uit paniek trek ik aan den eerste, den beste hendel en ik zie in mijnen achteruitkijkspiegel dat ik per vergissing de vlag met 'Wilt u met me trouwen' heb afgeschoten.
Ik wil nog teken doen naar de zon van 'foutje, foutje' maar die zon begint al met haar handen te wapperen, zo van 'Zeg, alstublieft, ze! Op mijne leeftijd.' en mijn vlag die wappert terug, zo van ‘éla, éla’ en door al dat gewapper geraakt mijn schip van haar melk en ze laat zich gewoon naar beneden op de aarde storten. Recht in de haag van de familie Colle.
Ik stap uit en ik zeg 'Koekoek! Koekoek! Is 't er hier iemand? Hallo?
'Ja hier', zegt een stem onder de veranda en ik zie daar zo een seksueel zeer aantrekkelijke politieagente staan, met ne gieter in haar handen.
'Is dat altijd zo dat gij bij de mensen op bezoek komt?', vraagt ze.
Ik zeg ' Weete gij dat gij seksueel zéér aantrekkelijk zijdt?'
'Ge moet gij niet van onderwerp veranderen', zegt die politieagente
Ik zeg 'Sorry Elschje - ik had hare naam gelezen op haar insigne - maar ik kom wel van Mars, hé! Van Mars hé!'
'Ja maar allez, zegt ze 'Wat gaat de familie Colle niet denken als ze terugkomen van op reis naar de Cote d'Azur in hunne mobilhome!'
Ik zeg 'Zijn ze al lang geleden vertrokken?'
'Just! Ze zijn nog maar just de autostrade opgereden, die dutsen'
Ik zeg 'Leef lang, Elschje' en ik pak daar ne minifiets van den haak en ik fiets in volle vitesse langs de pechstrook van de autostrade tot aan het eerste Secastation.
En ik ben zo aan het fietsen en ik begin in éne keer te piekeren.
Ik denk:
Zie ne keer dat mijnheer Colle ne kwaaien is!
Zie ne keer dat hij mij krabt!
En tegen dat ik aan dat Secastation kom, ben ik lichtjes in paniek.
En ik zie daar zo ne struize kerel op mij afkomen en ik zeg 'lap, ik heb ervan, dat is mijnheer Colle' maar direct daarachter komt er zo een dunne vrouw met een wipneuske afgelopen en ik zeg
'Excuseer maar bent u soms mevrouw Colle?'
'Neen', zegt dat wipneuske, 'ik ben Saskia Schoentjes Kleertjes. Roh, zoudt ge ons niet willen helpen, wij willen zo vree graag naar ons lievelingslanden Tirol en Oostenrijk maar we weten niet hoe!'
Ik zeg 'Oostenrijk? Ik zou anders zeggen, ik zal jullie voeren maar ik moet nog …. Allez, jong Oostenrijk?!
'Oké, niets aan te doen' zegt die Saskia, 'Kom, Hogefried, éne kilometer gaan, mijn voetjes, mijn voetjes, één kilometer gaan, mijn voetjes zijn der aan. Twee kilometer gaan,..'
Ik zeg 'Maar.. hallo!.. HALLO!.. als we eerst de familie Colle vinden, kan ik mijn excuses aanbieden en kunnen we daarna eventueel samen naar mijne shuttle gaan kijken en als hij in nog in goede staat is dan wil ik jullie misschien toch nog vooeoe..…maar ik kan mijne zin niet afmaken want op dat moment komt er zo ne jonge gast op mij afgestormd, snokt diene minifiets uit mijn handen, geeft mij ne schup onder mijn gat en rijdt ermee weg.
Ik zeg 'Gij, gangster, gij!'
'Gij zijdt zelfs ne gangster, gij!' roept hij en ineens valt mijne frank. ''t is de kleine Colle!'
Ik zeg 'Colle, wacht, ik moet nog iets zeggen over uwen hof' en diene gast remt zo keihard op zijn voorwiel en zijn achterwiel slaat onder hem weg en hij smakt tegen de deur van zijne mobilhome.
Papa Colle, die denkt dat er iemand aan de deur klopt, doet op dat moment de deur open en… …'t is platte Colle
'Kom binnen', zegt papa Colle tegen ons 'en weest gezeten. Ik heb juist wat kossie gezet en als ge wilt heb ik nog wat zelfgemaakte bloedworsten van eergisterenavond.’
Ik zeg, 'Mijnheer Colle, 't is zoveel of da'k het gehad heb.'
'Ik ga een beetje curieuzeneuzen' zegt Saskia en ze begint zo wat te curieuzeneuzen en te fezelen met Hogefried.
Ik zeg 'Mijnheer Colle, in feite moet ik u iets vertellen dat ge niet licht zult vergeten. Over uwen hof..'
'Al wie zit er in mijnen hof?', zingt Mijnheer Colle
Ik zeg 'Mijn Spaceschip!'
'En wie nog?'
'Mijn Spaceschip!'
En mijnheer Colle wil juist beginnen van 'Al wie hem nie omme draait, die heeft hem niet, die heeft hem niet. Al wie hem nie omme draait die heeft hem niet!' maar Saskia tikt op zijne schouder en ze zegt:
'Mijnheer Colle, sorry dat ik u onderbreek maar voor wat dient dat klein koordje hier?'
En ze trekt aan dat koordje en ineens klapt diene zetel waar mijnheer Colle en ik opzitten zo naar omhoog en die zijpanelen waarachter de kitchinette zit, klappen zo open en toe en het dubbelbed klapt naar beneden en opeens (klap, klap, klap) worden we alle vier gewoon naar buiten geklapt.
En ik ben nog niet bekomen of Saskia en Hogefried duwen mij op de achterbank van ne Mercedes Coupé van het bouwjaar 1999 die vlak voor diene mobilhome van Colle geparkeerd staat.
'Eéé', zegt mijnheer Colle 'ik heb juist dezelfde nummerplaat ... en juist dezelfden carrosserie ook..
't is nie waar, hé! Stop!'
Maar we waren al weg gescheurd en we zijn zo aan het rijden en op een gegeven moment zie ik dat Saskia zo met haar hand van voor in haar broek zit.
Ik zeg 'Saskia, wat zitte gij daar nu al de hele tijd in uw broek te scharten, gij vuil konijn!' en ik trek haar hand weg en ik zie hier (tonen) tussen haar broek en haren buik …een dikke portefoeldie zitten.
Ik zeg 'Van wie is dat? Van wie is die portefoeldie?'
'Van de familie Colle', zegt Saskia.
Ik zeg 'Ik weet niet, hoor, Saskia, maar ik vind dat niet om te lachen.
Wat vindt gij Hogefried?'
'Eij, eij', zegt Hogefried.
Ik zeg 'Wablieft'
'Eij, eij'
Ik zeg 'Hogefried, zet u ne keer aan de kant, alstublieft’
Ik zeg 'Kijk, ik vind 't zwaar. Ik vind het zwaar. Mijn Spaceschip ligt daar in 't midden van die mensen hunnen hof. Het minste dat ik kan doen is papa Colle mijn verontschuldigingen aanbieden en wat doet gij, Saskia? Gij steelt diene mens zijn portefoeldie en zijne Mercedes Coupé! Santé! En ge sleurt mij mee!... Saskia.'
'Waar hebt ge die schoentjes gekocht?', vraagt Saskia.
'Saskia!'
''t Is gewoon, ik zou het reuze vinden moest gij meegaan met ons naar Tirol. Hogefried zou dat ook reuze vinden, hé Hogefried?'
'Eijeij.'
'Weete gij dat ik normaal op dit uur thuis op Mars met Dajin zit te spacen, gezellig?'
En ik stap uit den auto, om mijn gedachten te ordenen, maar het is zo frisjes buiten en zo ver te voet terug naar Mars en ik stap weer in.
'Allez, en nu?', vraagt Saskia
Ik zeg 'Wilde mij ne lift geven tot aan het volgende Secastation? Ik ga Dajin oproepen. Den diene zal mij wel komen opstralen'
'Dajin, is dat uw vader, of zo?', vraagt Saskia
'Neen, Dajin is mijn lief.'
'Jaoh!, zegt Saskia Schoentjes Kleertjes, 'Hebt gij ne vrijer op Mars?'
'Maar meiske toch'
'Ja! En is 't hij aantrekkelijk? Hoe ziet hij eruit? Is ’t hij blond?'
Ik zeg: ecoute
In 't heelal en daar rond
Is er één en die zal je verleiden
Ik kan het weten
't is mijn lief en wij wonen op Mars
als ik kijk naar zijn ogen
als ik kijk naar zijn billen
oh ik verdrink
geef me een glas
Ik verlang naar hem
Naar mijn Spacymen!