Advertentie
Aantal personages
Mannen: 1
Vrouwen: 2
Personages
moeder, dochter, de dood
Ruimte
een bouwvallig huis
Synopsis
Een ruine van een huis.
Moeder en dochter zitten binnen.
Dochter zeurt over de kou, de vliegen…
Moeder is wat geschift na wat ze heeft meegemaakt: alles wat rest(niets dus) wil ze bijeenhouden, beschermen.
Ze vertellen over een groot huis, veel kamers, veel kinderen.
De negen andere dochters zijn één voor één verdwenen, (weggehaald door de wolf, een prins, …verhaal van de tien kleine negers)
Moeder en dochter vertellen aanvullend, ondertussen mept dochter de vliegen dood.
Er wordt voortdurend aan de deur geklopt, moeder negeert, dochter is benieuwd, ze denkt dat haar prins eindelijk gekomen is.
De dochter gooit het op een akkoordje en ze mag het huis uit, aan een leibandje (de sjaal die ze breit) en ontdekt wat de wereld te bieden heeft.
De moeder is bang om alleen te zijn maar wordt weggehaald door een prins, de dood.
Op einde blijft niets over tenzij aarde
Dochter woelt in de aarde om bedje te maken, maar dat blijkt graf van de moeder
Dochter begint opnieuw in de ruïnes van het huis.
SCENE 1
MOEDER
Van mij,
Van mij
’t is al van mij
Al wat je ziet : VAN MIJ
Hier, daar, ginder.
Over en weer.
DOCHTER
’ t Weer?
’t Weer was beter thuisgebleven.
Zo KOUD en zo OUD dat het hier is.
MOEDER
Gras van mij en grond van mij.
Zand van mij.
En zij van mij.
VEEL zij van mij.
(wijst naar de dochter)
DOCHTER
Dit en dit,
‘tis al van haar (wijst iets aan neus, borsten, haar…)
nee niet van haar, neen, (trekt aan haar haren)
Maar van haar! (wijst naar moeder)
Ziek van haar.
Auteursrechten
De rechten worden beheerd door SACD.