Advertentie
Aantal personages
Personages
Dracula (Count Dracula), Spock (Captain Spock), Dali (Salvador Dali), Elisabeth (Queen Elisabeth I), Andy (Andy Warhol), Neil (Neil Armstrong), Janis (Janis Joplin), Einstein (Albert Einstein), Jacky (Jacquelin Kennedy), Bonnie (Bonnie Parker), Petit Prince (Le Petit Prince), Jeanne (Jeanne d' Arc), Napoleon (Napoleon Bonapart), Mae (Mae West), Butterfly (Madame Butterfly), Sneeuwwitje (Snow White), Dwergen (7 Dwarfs), Cleopatra (Cleopatra), Tape (Geluidsfragmenten uit de televisie-uitzending van de maanlanding op 20 juli 1969)
Structuur
17 scènes
Genre(s)
Drama
Ruimte
Een hiernamaals
Tijd
Onbepaald
Synopsis
Alle personages in deze tekst zijn historische figuren of fictionele personages die na hun bestaan als iconen verder leven. In deze tekst gaat Fabre op zoek naar wat iconen maakt. Wat maakt glorie, rijkdom en eeuwige roem?
Opvallend is dat verscheidene figuren onder hen hun roem vooral denken aan het tijdperk van de allesoverheersende beeldcultuur waarin ze leefden. Hun beeld werd veelvuldig verspreid door televisie, film en video. Hun verschijning is daardoor universeel herkenbaar en maakte hen zo tot iconen, tot symbolen. Iconen ‘gloeien’, volgens Fabre en trekken ons daarom zo aan. Hierdoor zijn ze echter ook niet benaderbaar. We kunnen naar de sterren kijken, maar hen niet uit de hemel plukken. Ze blijven vereeuwigd staan in hun sterrendom.
Alle personages spreken het publiek aan op een manier en met een tekst die uiterst typerend voor hen is. Dracula verhaalt zijn droevige levensgeschiedenis, zijn groots succes en zijn onophoudelijke dorst naar bloed, Spock zoekt de logica achter alles, Janis Joplin is stoned, Dali kijkt neer op alles en iedereen. De personages komen elkaar tegen in een hiernamaals. Een eclectisch gesprek begint. Wie heeft waar gewoond? Wie kent wie? Wie heeft een straat die naar hem genoemd is? Al gauw trachten de iconen elkaar te overbluffen met verdiensten. De tekst is niet gespeend van enige humor.
Soms wordt de tekst grimmiger. Herinneringen worden opgehaald van elkaars dood, Hitler wordt aangehaald, een hara-kiri-ritueel wordt uitgevoerd. Maar nooit voor lang. De meest vreemde koppels en bijhorende discussies worden ook gevormd: Albert Einstein tracht Mae West te versieren, Chaplin-schandalen komen aan het licht, Bonnie schiet onophoudelijk in de lucht.
Allen beseffen maar al te goed dat ze slechts iconen zijn. En dus niet de personen waarvan ze het icoon zijn. Een discussie ontstaat: de echte Dracula is soms menselijk, zijn icoon, daarentegen, is immer een monster; de echte Dali is gek, het icoon slechts beredeneerd, etc. Ze maken een verschil tussen henzelf en zij die ze vertegenwoordigen. Ze beseffen wat het inhoudt om een icoon te zijn:
Het kostuum is een noodzakelijke voorwaarde om te veroveren, om te overleven.
Het zijn acteurs, ze dragen slechts kostuums bovenop de rollen die hen op het lijf geschreven zijn.
De essentie van icoon worden wordt zo ook duidelijk:
Wie werkelijk van het leven houdt, wordt een parasiet.
De tekst kwam mede tot stand door improvisaties van de performers.
(Glowing Icons is het derde deel van de theatertrilogie over het lichaam in al zijn facetten. Het eerste deel is Sweet temptations, en het tweede deel is Universal Copyrights.)
Glowing Icons verscheen in boekvorm in de anthologie Ik ben een fout, theaterscripts en theaterteksten 1975-2004 bij Uitgeverij Meulenhoff | Manteau, met ISBN-nummer 90 5990 025 1 en is niet meer leverbaar. Om de volledige tekst als onbeveiligde pdf te ontvangen of voor informatie over opvoeringsrechten, kan je contact opnemen met Troubleyn.
SCENE 6
JACKY:
Gegil — ik kan nauwelijks iets horen
Vaag — zie ik woorden — ‘stop aub en kom ons groeten’
Black-out
Het is donker — het is warm — ik zweet
Ik zit achter in een grote blauwe Lincoln Cabriolet
Het is warm — ik zweet
De zon schijnt recht in mijn ogen — ik zet mijn donkere
zonnebril op
Hij zegt: ‘neem je zonnebril af, de mensen zijn hier om
jou te zien’
Ik zet hem in het geniep toch op — als hij niet kijkt
ANDY:
Ben ik weer neergeschoten door een superster die ik
gecreëerd heb?
Ik kan niet ademen
Ik heb zo’n pijn vanbinnen
Leef ik nog?
Ik ben verloren
De telefoon gaat, maar ik ben er niet
Waar ben ik?
De juiste plek op het verkeerde moment
Ik zou terug naar het ziekenhuis moeten, ik ben zo bang
Als ik niet ga, dan ga ik dood, zeggen ze
Ik weet een ding: als ik terug naar dat ziekenhuis ga
ga ik dood
Ze zeggen wel dat het niet waar is, maar ik voel het
gewoon, weten zij veel?
JACKY:
Ik wou dat ik een vogel was en dat een kat me opat
Ik haat de zon in mijn ogen
Het is warm — ik zweet
Een gillende massa — ‘Je kunt in ieder geval niet zeggen
dat Dallas niet van je houdt’
‘Neem die zonnebril af’ — ‘De mensen zijn hier om jou
te zien’
Black-out
Ik word al rijdend geroosterd in die blakende zon
Het is warm — ik zweet
De zon schijnt recht in mijn ogen
God zij dank, een heerlijk koele tunnel in zicht
Donker —koud —koel …
ANDY:
Ik ben zo bang
Ik heb zo’n pijn vanbinnen
Het ziekenhuis herinnert me aan neergeschoten worden
Ik hoor de dokters zeggen dat ik doodga
Bloed sijpelt over heel mijn lichaam, dat er door alle
hechtingen uitziet als een Dior-jurk
Ik dacht dat ik dood was
De dood kan een superster van je maken
De telefoon gaat weer, mijn hand weigert hem op te
nemen
Ik ben zo bang
JACKY:
Een harde knal — nog twee — ik ruik buskruit
Ik kijk naar rechts — ik zie die vreemde uitdrukking
op zijn gezicht
Een stille schreeuw — ik hoor mezelf roepen — Hoor je me?
Hij reikt met zijn hand — ik zie een stukje van zijn
schedel loskomen
ANDY:
Jeetje, het is zo gênant om te sterven
Iemand moet zich dan tot in de details over je ontfermen
en daar ben ik nog niet aan toe
Ik heb zo’n pijn vanbinnen, zo veel pijn
JACKY:
Black-out
Het is koud — ik ril
Zou ik in die koele tunnel zijn aangekomen?
Hysterisch gegil — ‘Hij is dood, hij is dood’
Hij zinkt neer op mijn schoot — zijn bloed en hersenen
in mijn schoot
Ik blijf de kruin van zijn hoofd naar beneden drukken
in een poging zijn hersenen erin te houden
Hoor je me? Hoor je me?
JANIS:
(zingt Piece of my heart)
DALI:
Défence de nourrir les animaux
De dieren niet voederen
Do not feed the animals
Die Tiere bitte nicht füttern
(FABRE, Jan, Glowing Icons, in: Ik ben een fout, theaterscripts en theaterteksten 1975-2004. Meulenhoff | Manteau, 2004, pp. 534 – 536.)