Advertentie
Aantal personages
Mannen: 3
Vrouwen: 3
Personages
Jasmijn, Christel, Ludo, Bastiaan, Mare, Geert
Structuur
eenakter
Genre(s)
Eenakter, Tragikomedie
Ruimte
Het kantoor van Goedbloed
Tijd
Heden, zaterdagochtend
Synopsis
De vriendinnen Christel en Jasmijn zijn jaren geleden reclamebureau Goedbloed begonnen. Een bedrijf met principes. Uitgegroeid tot een gerespecteerde onderneming, met gedreven medewerkers en een goed gevulde opdrachtenportefeuille. De enorme werkdruk wordt Christel echter teveel. Zij heeft zichzelf te lang geforceerd op het tempo van Jasmijn bij te kunnen benen en onverwachte ontwikkelingen in haar privéleven doen haar anders denken over de zin van het werk. Jasmijn blijkt de laatste tijd veel pragmatischer en flexibeler in haar principiële opvattingen: idealisme is prachtig maar je moet het je wel kunnen veroorloven. Terwijl Goedbloed zakelijk gezien floreert, is het idealistische faillissement eigenlijk al aangevraagd. De vertrouwensbasis waarop het bedrijf steunt, schudt vanaf de eerst buitengewone teamvergadering op haar grondvesten. Alle medewerkers raken ongewild betrokken bij het conflict tussen Christel en Jasmijn. Goedbloed betreedt het terrein van angsten, overlevingsstrategieën en het recht van de sterkste.
Goedbloed is deel van de trilogie van het verlies en verscheen in boekvorm bij de uitgeverij International Theatre & Film Books in samenwerking met Toneelgroep Oostpool met ISBN 90 6403 666 7.
Openingscène
Bastiaan, Ludo.
BASTIAAN
Ik kan een schedel kopen voor honderddertig Euro. Doen of niet doen?
LUDO
Een mensenschedel?
BASTIAAN
Honderddertig Euro, wat denk je? Doen of niet doen?
LUDO
Waar?
BASTIAAN
Hij staat bij een antiquairtje in de binnenstad.
LUDO
Een echte?
BASTIAAN
Hij zit er al een paar jaar.
LUDO
Een echte schedel?
BASTIAAN
Een echte.
LUDO
Mag dat? Mag je zomaar een mensenschedel verkopen? Hoe oud is die schedel?
BASTIAAN
Als het antiek is dan is hij in ieder geval ouder dan vijftig jaar. Het was geen rommelwinkeltje. Mooie, complete serviezen, kristalglas, celluloid poppen.
LUDO
Maar mag het, handelen in schedels?
BASTIAAN
Enkelvoud. Ik neem niet aan dat hij er in het magazijn nog een stel heeft liggen.
LUDO
Ik weet het niet. Voor de prijs hoef je het niet te laten.
BASTIAAN
Daar kom ik juist niet uit. Ik heb geen idee wat daar nou een beetje een redelijk bedrag voor is. Wat heb jij met je oog gedaan? Wat ziet jouw oog eruit. Wat heb je gedaan?
LUDO
Dat is zo'n dom verhaal... ik... ik loop met een kratje bier naar de kelder. Ik denk: ik zet dat kratje bier in de kelder. Heeft Femke daar net iets neergezet waar ik tegenaan loop. Nou heb ik sowieso bij het minste of geringste bloeduitstortingen...
BASTIAAN
Wat had ze dan neergezet?
LUDO
Neergezet? Zei ik 'neergezet'. Ik bedoel: 'opgehangen'. Een uienmandje.
BASTIAAN
Dan zal er wel weer het nodige gevloekt zijn in Huize Naerebout.
LUDO
Laat dat maar aan mij over.
BASTIAAN
Mooi zo.
LUDO
Ik zeg: 'Kun je Gdvrdmm je verstand niet gebruiken, stom wijf.' Hoe dan ook, van honderddertig Euro zul jij geen honger hoeven lijden.
Geert op.
LUDO
Goedemorgen, Korporaal. Waar kom jij vandaan?
GEERT
Van thuis.
LUDO
Waarom zag ik jou vanochtend dan al hier rondlopen?
GEERT
Wat deed jij hier dan zo vroeg?
LUDO
Ik bracht Jimmy naar de zeeverkenners, dat doe ik iedere zaterdag. En iedere zaterdag kijk ik even omhoog. ‘Niet doen, zeg ik dan tegen mezelf; het is weekend, maar toch kijk ik iedere zaterdag even omhoog. ‘Is alles goed met de zaak?’ ‘Alles is goed met de zaak.’
GEERT
Ik kon niet slapen... Toen ben ik maar hier naartoe gegaan... Maar omdat iedereen pas om elf uur hier zou zijn, en niemand zin heeft in oude koffie, ben ik maar weer naar huis gegaan.
BASTIAAN
Heb je veel jeuk, vandaag?
GEERT
Ik probeer niet te krabben.
BASTIAAN
Waar blijft CHRISTEL?
GEERT
Waarom vraag je dat aan mij?
BASTIAAN
Jij hebt inderdaad slecht geslapen. Ik begrijp niet dat iemand die boven de zaak woont nog te laat komt.
LUDO
Je doet net of Christel altijd te laat is, terwijl het iets is van de laatste vier, vijf maanden.
BASTIAAN
Ze ziet er ook zo moe uit.
LUDO
Ze ziet er doodop uit. Heb jij nooit gezien wat zij doet als ze moe is? Nooit? Het is jou nooit opgevallen dat Christel altijd altijd altijd de losse haren uit haar haar trekt? Dat ze daar hele kleine bolletjes van draait? En dat ze die doorslikt? Dat is jou nooit opgevallen? Hoe lang ken je haar nu al? Hoe lang ken je haar nu al? Ze maakt er kleine bolletjes van en ze slikt ze door. Nooit gezien?
BASTIAAN
Nooit gezien. Heb jij dat ooit gezien, Geert?
GEERT
Alleen als ze heel moe is.
LUDO
Dan is ze de laatste tijd heel moe.
BASTIAAN
Nooit gezien. Mooi beeld, een vrouw die haar haren opeet. Ontroerend beeld.
LUDO
Dan heb je vast en zeker ook nooit gezien dat Jasmijn, wanneer ze gespannen is, overal aan moet ruiken. Ik zie aan je gezicht dat je dat ook nog nooit gezien hebt. Je moet haar voor de grap maar eens goed in de gaten houden. Jasmijn moet en zal overal aan ruiken. Aan haar handen, aan haar mouwen, aan het boek dat ze leest, aan het glas waar ze uit drinkt. Let op, als zij iemand kust. Als zij jou kust: ‘Hallo, hallo, hallo.’ Dan kust ze niet, ze ademt in, ze snuift. Als je er eenmaal op let dan word je er helemaal hoorndol van. ‘Hallo, hallo, hallo.’ Dan zit zij links van je stiekem haarbolletjes door te slikken en dan zit zij rechts van je overal aan te ruiken. Moet je je voorstellen hoe dat moet gaan als ze met zijn tweeën zijn.
BASTIAAN
Waar is Christel dan zo moe van?
GEERT
Daar ga ik niet over.
BASTIAAN
Elf uur is elf uur. Een ochtend extra vergaderen is geen probleem, maar ik eis wel dat iedereen er dan ook is. Punt voor de agenda.
LUDO
Helemaal mee eens. Maar jij mag het inbrengen, want ik doe het niet meer. Ik ga hier niet te boek staan als de zeikerd van het team.
BASTIAAN
Je bent pas een zeikerd als je er niks van zegt.
LUDO
Ik vind het trouwens wel iets hebben om hier op zaterdagmorgen te zijn. Het voelt alsof we op schoolreisje gaan.
BASTIAAN
Het is meer dat ik die verkoper een enorm onbetrouwbare vent vind. Ik zou het een onverdraaglijk idee vinden als die kerel er teveel op verdient.
LUDO
Je weet natuurlijk nooit wat de inkoopprijs was.
GEERT
Van wat?
LUDO
Bastiaan kan een schedel kopen voor honderddertig Euro.
GEERT
O.
BASTIAAN
Van de andere kant: iemand heeft voor zijn achttiende ruim een ton gekost.
GEERT
O.
Pauze.
LUDO
Waarschijnlijk zijn ze samen gezellig iets gezelligs aan het doen, gezellig. Hoezo: enorm onbetrouwbare vent?
BASTIAAN
Gewoon. Het is meer een gevoel. Hij praat heel zacht. Bij alles waar je naar kijkt, roept hij meteen wat het kost.
LUDO
En hij wilde niks van de prijs afdoen?
BASTIAAN
Niks. Terwijl het een ongeschreven regel is dat je er tien procent af krijgt. Dan voel je je zo’n kruidenier. Sta je op een schedel af te dingen. Zo onsmakelijk van zo’n kerel. De onderkaak zat er niet eens bij. Lag gewoon met zijn boventanden op een aspergebord. Ik zeg: ‘Wat had je dan wel niet gevraagd als het de schedel van koningin Emma was?’ Hij
kijkt me heel laffig aan en dan zegt hij bloedserieus dat hij republikein is.
Ik vragen natuurlijk van wie die was, maar dat wist hij niet. Kon van iedereen zijn. Een vrouw, dat wist hij wel.
LUDO Tot Geert.
En hoe zit het met de liefde?
GEERT
Ik zit op dit moment in wat rustig liefdesvaarwater met mezelf en anderen... zoiets.
LUDO
Je liegt tegen mij en dat accepteer ik niet. Ik zie dat je verliefd bent. Ik zie het aan je gezicht. Je kijkt zo vrolijk. Zo gelukkig. Zo mooi.
GEERT
Nee hoor. Op wie dan? Laat me met rust of zoiets.
BASTIAAN
Heb je veel jeuk, vandaag?
GEERT
Gemiddeld. Iets minder dan gemiddeld.
LUDO
Waar blijven ze nou? Elf uur is elf uur, vind ik.
BASTIAAN
Dat roep je al jaren, inderdaad.
LUDO
Dat ik hier twaalf jaar ben gebleven, zegt iets over mijn loyaliteit.
BASTIAAN
Of over je angst om hier weg te gaan.
LUDO
Grote woorden uit een heel klein hartje. Zolang ik mij hier creatief volledig uitgedaagd voel, heb ik geen enkele reden om weg te gaan.
BASTIAAN
Geloof je het zelf. Over loyaliteit gesproken: als jij moest kiezen tussen CHRISTEL en Jasmijn, wie zou je dan nemen?
LUDO
Wie zou jij kiezen, Geert?
GEERT
Ik kies een vrouw niet op haar buitenkant.
LUDO
Kom op, jij zult je kopje toch ook niet zes maanden hebben laten hangen, daar in die prachtige heuvels van het Bosnische landschap. In die lommerrijke omgeving met zijn herderinnetjes...
GEERT
De helft van de hoeren was daar HIV-geïnfecteerd.
LUDO
Excuses, ik wist niet dat je boos zou worden.
GEERT
Ik ben niet boos. En ik ben ook niet geïrriteerd. En het gaat ook niet even wat minder met me.
BASTIAAN
Je hebt gelijk, Geert. Ik vroeg het aan hem, dan moet hij het niet aan jou vragen.
LUDO
Dat is voor mij een heel gemakkelijke vraag. Ik zou zonder enige twijfel en met veel enthousiasme het liefst gaan liggen... bovenop... Mare.
BASTIAAN
Dan wens ik je veel succes want als die ook verkiesbaar is dan lig ik daar al spiernaakt bovenop.
LUDO
Ik was eerst.
BASTIAAN
Ze zit bovendien nog in haar proefperiode.
LUDO
Laat maar proeven, dan.
GEERT
Daar baal ik van. Ik wist niet dat die ook kon, Mare.
LUDO
Helaas. Te laat.
Mare op.
MARE
Wie is te laat?
BASTIAAN
Jij bent te laat.
LUDO
Een half leven te laat, waar was je al die tijd?
MARE
Ik zie aan jullie smoeltjes dat het niet deugt wat jullie bespreken.
LUDO
BASTIAAN kan een mensenschedel krijgen voor honderddertig Euro. Doen of niet doen?
MARE
Hangt een beetje af van de staat waarin hij verkeert.
LUDO
'Ze' verkeert. De verkoper zegt dat het een ze is.
MARE
En waar baseerde hij die kennis op, dat het de schedel van een ze is?
BASTIAAN
Daar vertrouwde ik hem op zich wel in. Het was een kleine schedel. Zo klein.
MARE
Een kindje?
BASTIAAN
Die optie had ik nog niet overwogen.
MARE
Dan zou die prijs misschien zo gek nog niet zijn.
LUDO
Nounounou.
MARE
Mijn oma had een heel jong opgezet hertje op de schouw staan. Heel klein, heel lief. Hele diepe zwarte ogen. Ik mocht hem één keer over zijn neusje aaien als ik binnenkwam en één keer als ik weer wegging. ‘Hempje aaien. Hempje aaien,’ zei ik dan. Ik kon de r. niet uitspreken. Toen ik een paar jaar ouder was, vertelde mijn omaatje dat ze de hertenmoeder een maand voor de bevalling neerschieten en het kalfje er uit snijden en opzetten, want dan zijn ze op hun schattigst.
‘Hempje aaien. Hempje aaien,’ Kinderen kunnen zo stom zijn..
GEERT
Is het hier nou zo warm of ligt het aan mij?
MARE
Het is hier gewoon.
GEERT
Ik moet natuurlijk plassen, dat zal het zijn. Nee, ik ga niet plassen, ik ga naar het keukentje.
Geert af.
BASTIAAN
Zou hij daar mensen hebben doodgemaakt, in Bosnië?
LUDO
Gadverdamme.
BASTIAAN
Doodgeschoten... of doodgestoken... of doodgeknuppeld... Als je het je één keer hebt afgevraagd dan blijf je het afvragen.
LUDO
Hou eens op.
BASTIAAN
Ik weet zeker dat jij het je hebt afgevraagd. Eerlijk zeggen.
LUDO
Ik beken. Jij Mare?
MARE
Vanaf nu zal ik wel moeten, dankjewel.
BASTIAAN
Wat denken jullie?
LUDO
Zou hij het durven toegeven?
MARE
Wil jij het weten?
LUDO
Ik zou het heel graag weten, erg hè?
BASTIAAN
Nee, dat is niet erg. Dat is normaal.
MARE
Je zweet een beetje, Bastiaan. Jij zou het echt willen weten.
BASTIAAN
Ik zou het echt willen weten. Ik kan er niks aan doen.
LUDO
Sterker nog; Bastiaan zou het willen ruiken.
Geert op.
BASTIAAN
Zouden kinderschedels zeldzamer zijn dan volwassenenschedels?
GEERT
Ik mag hopen van wel. Ik mag, verdomme, hopen van wel.
MARE
Waarom wil jij die schedel eigenlijk hebben?
BASTIAAN
Ik weet niet… Ik loop langs die etalage… ik zie hem staan… en ik denk: die zou ik kunnen kopen… en dat voelde…
LUDO
Ik hoop dat je niet gaat zeggen: dat voelde machtig.
BASTIAAN
Haal me niet uit mijn concentratie... Het voelde…
LUDO
Ik hoop dat je niet gaat zeggen: ..
BASTIAAN
Hou je mond!
LUDO
Hoe voelde het?
MARE
Voelde je je verantwoordelijk? In de zin van: bezorgd? Was het dat niet?
BASTIAAN
Oké… zo voelde het.
LUDO
Jij moet het zeggen.
BASTIAAN
Een vaderlijk soort verantwoordelijkheid. Daar houden we het voorlopig op. Het komt het dichtst in de buurt.
Jasmijn en Christel op. Ze citeren de anderen.
JASMIJN
‘En die twee zijn altijd te laat, én we moeten er wat van zeggen. Én wij worden we geacht om onze vrije zaterdag aan te treden en dan hebben ze niet eens het fatsoen om zelf op tijd te zijn.’
CHRISTEL
‘Én die Christel woont nota bene boven de zaak en dan presteert ze het nog om te laat te komen.’
Jasmijn
‘Én dan komen ze met zijn tweeën veel te laat binnen, en dan doen ze ons op een hele rare manier na.’
CHRISTEL
‘Én dan doen Christel en Jasmijn met rare stemmetjes alsof wij het de hele tijd over Christel en Jasmijn hebben gehad.’
JASMIJN
‘Maar toen zagen we dat ze taart bij zich hadden en dat ze kennelijk iets te vieren hadden...’
CHRISTEL
‘Én toen beseften we dat het niet de schuld van Jasmijn en Christel was dat ze te laat waren, maar dat het de schuld van de bakker was.’
JASMIJN
‘En van het zaterdagochtendverkeer, heeft die arme Jasmijn drie rondjes door het centrum moeten rijden omdat ze van een agent met snot in zijn snor niet voor de winkel mocht wachten tot Christel terug was met de taart.’
CHRISTEL
‘En komt die arme Christel naar buiten en loopt ze de verkeerde kant uit om die arme Jasmijn te zoeken. En de klok tikt en tikt’
JASMIJN
‘Maar alles was meteen vergeven en vergeven toen we zagen hoe lekker de taart was op deze speciale ochtend.’
LUDO
Is het al elf uur geweest, dan?
BASTIAAN
Verrek, ik zie nu pas dat het allang elf uur geweest is.
Jasmijn
Alles weer vergeten, zo heerlijk. Ik werd wakker en ik dacht: slapen zoals slapen bedoeld is.
Hoe heb jij geslapen, Ludo?
LUDO
Op mijn zij.
JASMIJN
Hoe heb je geslapen, Bastiaan?
BASTIAAN
Met mijn ogen dicht.
JASMIJN
Met je mooie ogen dicht. Ik vind dat jij mooie ogen hebt en dus zeg ik dat, vandaag. Ik zie aan Geert dat hij lekker geslapen heeft.
GEERT
Hoe zie je dat?
JASMIJN
Ik weet niet... er is iets met je... je bent anders... Nee... onzin, ik ben anders dan anders...
CHRISTEL
Auw. Waarom stoot ik mij toch altijd. Moet je zien. Ik bloed bijna. Moet je zien. Is toch niet normaal meer. Ik ben soms zo onhandig.
LUDO
Zullen we beginnen. Heel vervelend, maar ik heb maar een uurtje en wij willen heel graag weten waarom we hier zijn.
JASMIJN
De vergadering is allang geopend, man. Aanwezig zijn Christel, Ludo, Bastiaan, Mare en ondergetekende. Notulant is vandaag... Ludo. Trouwens: we notuleren niets vandaag, we zijn zo klaar.
LUDO
Ik dank de voorzitter.
JASMIJN
Ik heb voor vandaag maar een onderwerp voor de agenda... Ik heb het Christel al verteld. Het is tenslotte een nieuw hoogtepunt in de historie van Goedbloed.
De campagne is af. Jullie kijken me momenteel een beetje stom aan. Doe me een lol en hou daar mee op. Liefst meteen. Het is af. KidsSoldiers is af.
MARE
Echt waar? Nu al?
CHRISTEL
Hij is af. Jasmijn heeft vannacht gewerkt en gewerkt, ze klopt bij me aan, hoe laat was het? Halfdrie? ‘Klopklopklop:.. De campagne is af.’ Ik schrok me dood.
Jasmijn
Je had je gsm uit staan.
CHRISTEL
Omdat ik me ook doodschrik als ’s nachts mijn gsm gaat.
JASMIJN
Ineens zag ik: nu is hij helemaal wat hij moet zijn. Nú stoppen, want ik kan het alleen nog maar verpesten, zeg ik tegen mezelf.
MARE
Wat verschrikkelijk goed. Ik wist dat er iets bijzonders moest zijn.
BASTIAAN
Kijken! Kijken!
JASMIJN
Ik heb besloten om niets te zeggen. Dit is het.
Ze onthult de uitingen. Allen kijken.
JASMIJN
Dit moment... Dit moment...
MARE
Als ik stil ben dan bedoel ik daar niks vervelends mee.
LUDO
Er gaat hier iemand zo dadelijk drie hele dikke kussen krijgen. En ik weet wie.
BASTIAAN
Wat die ogen allemaal gezien hebben. Daar gaat het om. Daar gaat het precies om. Die affiches moeten groter. A-nul, minstens. Minstens. Die ogen moeten groter zijn dan etensborden, ik zweer het je.
CHRISTEL
Als niemand verder iets wil zeggen, heb ik wel iets. Ik begrijp niet dat ik ineens een ander gezichtje op het materiaal tegen kom, dan dat we vorige maand te zien kregen.
Pauze.
BASTIAAN
Het formaat is niet goed. Het formaat is te realistisch. We zien haar pijn nog niet voldoende.
CHRISTEL
Hoe kan het nou dat ik een ineens een ander gezichtje zie?
JASMIJN
Ik kan het je niet uitleggen. Echt niet. Het moest gewoon zo. Ineens dacht ik... wist ik... dit is goed.
CHRISTEL
Meen je dat nou? Waarom dan? Wat wist je dan?
JASMIJN
Zeg niet dat je het niet mooi vindt, want ik ga janken.
CHRISTEL
Leg het me dan uit.
JASMIJN
Even nadenken. Ik weet niet... Ik was bezig en bezig en ineens... ineens... voelde het af.
MARE
Ik denk dat we behoorlijk trots op onszelf mogen zijn. KidsSoldiers is erg blij met ons.
CHRISTEL
Maar waarom zie ik een ander gezichtje? Ik heb het tegen iedereen al weken over het gezichtje van Lenaja uit Albanië. Dat vind ik het enige jammere.
JASMIJN
Daar ben ik juist zo blij mee. Het laatste puntje van kritiek ging over het andere gezichtje. Het zal zo mooi om te zien dat Anja Blekwater helemaal volschiet als ze dit koppie ziet. Een heel kostbaar moment.
CHRISTEL
Maar wie is dit meisje?
MARE
Vind je haar niet ontroerend?
CHRISTEL
Ze is prachtig, maar wie is het?
MARE
Hoe ze heet? Jacqueline.
CHRISTEL
Jacqueline?
MARE
Jacqueline Winterwerp. Via Papa Berend Kindercasting.
CHRISTEL
Ik voel me een beetje rottig. Ik weet niet waarom. Waarom is dat Jasmijn?
JASMIJN
Nou voel ik me ook rottig.
CHRISTEL
Waarom dan?
JASMIJN
Laten we even door praten, dan komen we er wel achter. Wie zegt er iets?
MARE
Als we twee foto’s hebben; één van dat ene meisje...
CHRISTEL
Lenaja
MARE
Lenaja... en één van dit meisje, en ik weet dat het allebei oorlogsslachtoffertjes voorstellen...
CHRISTEL
Ik voel me zo klote, ineens.
MARE
Als zij daar toch de expertise hebben dat de tweede foto ze honderdduizend Euro meer aan stortingen opbrengt dan de eerste...
JASMIJN
En met die honderdduizend Euro is de kans dat ook het echte meisje geholpen wordt, daar in de verschrikkingen van Albanië, misschien wel verdrievoudigd.
MARE
Misschien wel verviervoudigd. Weet jij veel. Wie ben ik dan om te denken: is het niet onethisch om niet voor het modelletje te kiezen?
LUDO
Laten we overigens niet vergeten dat het modelletje ook beschadigd is. Moet je dat litteken zien. Wat een pijn. Wat een verminking.
BASTIAAN
Is een tijdlang ontstoken geweest, dat zie je aan de randen. Straatvuil of krabben. Straatvuil én krabben en slechte weerstand. Hoe komt ze daar aan?
MARE
Van Lenaja.
LUDO
Kennen die elkaar?
JASMIJN
Nee. Gefotoshopped.
MARE
Zie je niks van. Moet je weten om het te zien.
CHRISTEL
Wacht even. Hier heeft het iets mee te maken. Beginnen bij het begin. Het gaat mij erom dat ik niet wil dat Goedbloed het verwijt kan worden gemaakt, dat we voor het goedkope sentiment gaan.
MARE
Je moet het weten om het te zien.
CHRISTEL
Ik weet het nu.
JASMIJN
Ik ga er ook niet om liegen.
CHRISTEL
Daar ben ik ook heel blij mee. Ik vind dat je juist met de keuze van het soort meisje dat je laat zien, een statement maakt over de verschrikkingen van oorlogen als die in Albanië, door echte mensen te laten zien. Met echte verwondingen. Met de keuze voor het echte meisje doe je ten minste een uitspraak over die verschrikkingen én over reclame.
JASMIJN
Ik begrijp je punt... Mare, wil jij daar iets op zeggen of zal ik... Of wil jij...
MARE
Dank je, Jasmijn. En, Christel, jij bedankt voor je heldere vraag. Voor mij natuurlijk heel spannend, allemaal. Vijf maanden terug was ik hier voor het eerst en nu dingen zeggen...
Mijn gevoel zegt dat we met zijn allen de tijd voorbij zijn waarin we de gewone man tussen vette aanhalingstekens en met alle respect en tussen ons gezegd en gezwegen moeten emanciperen.
JASMIJN
Daar zou ik graag op inhaken; ik zie tegenwoordig zoveel echte mensen op tv, in de bladen, in interviews dat ik er aan gewend ben geraakt. We mogen elkaar feliciteren in dit land: die emancipatie is gelukt. We hebben gevochten en we hebben gewonnen. Maar weet je wat ik dan denk? 'Wat nu?' En dan vind ik het, juist ter, hoe zeg je dat, viering van die emancipatie, heel mooi om op zoek te gaan naar exclusievere gezichten.
CHRISTEL
Een echt meisje, kan ook exclusief zijn.
JASMIJN
Ik krijg de indruk, maar het is speculatief, dus corrigeer me als ik verkeerd zit...
CHRISTEL
Niet zo voorzichtig met me, ik ben niet van suikergoed.
JASMIJN
Ik krijg de indruk dat het jou meer te doen is om dat ene specifieke meisje, dan dat het je gaat om oorlogsslachtoffertjes in het algemeen.
CHRISTEL
Direct op de man, bedenk eens wat beters.
JASMIJN
Oké... iets beters... iets beters...
MARE
De opdrachtgever eiste een mooier gezichtje, dat mag de opdrachtgever doen. Daar is hij opdrachtgever voor.
LUDO
Klare taal. Bravo voor Mare.
BASTIAAN
Ik moet in dit geval een beetje overgeven van de begrippen mooi of minder mooi, of lelijk.
MARE
Ik herhaalde de woorden van de opdrachtgever, niet die van mij.
BASTIAAN
Iemand kan in zijn pijn, zelfs in zijn doodsstrijd adembenemend mooi zijn. Abraham die zijn zoon wil slachten in opdracht van God. Die kop van die jongen. Ik bedoel: we hebben het over Rubens. Dichter bij huis: The World Press-foto... verdrinkende baby met slabbetje om... Een mooi meisje geknield naast een afgehakte hand... Nog dichter bij huis: een zanger die van een hotel afspringt... Om nog maar te zwijgen over die hoofdwond van LUDO.
...
Opvoeringsgeschiedenis
Goedbloed (2004 door Toneelgroep Oostpool)
Auteursrechten
De rechten worden beheerd door I.B.V.A. Holland BV.