Vervalsing zoals ze is, onvervalst

Aantal personages
Vrouwen: 1

Personages
Een (jonge) vrouw

Structuur
Monoloog

Genre(s)
Monoloog

Ruimte
Onbepaald

Tijd
Onbepaald

Synopsis

De (jonge) vrouw in 'Vervalsing zoals ze is, onvervalst' is een kunstenaarsmodel geweest. Zij haalt herinneringen op uit de tijd dat ze nog poseerde voor kunstenaars. Ze werd gebruikt. Ze werd misbruikt. Ze werd als muze helemaal leeggezogen door de kunstenaars, en dat al snakkend naar eeuwige, echte liefde, terwijl haar geest steeds meer vertroebeld werd door de cocaïne:
Ik ben misselijk
M’n neus brandt
en de rest van mijn lijf doet pijn
Ik ben moe
Mijn moeheid mag je verlangen noemen
of je mag het noemen wat je wil
Maar noem het geen onverschilligheid
tegenover die ene mogelijkheid
Die ene mogelijkheid die noch vervaldatum
noch verpakking kent


In hoge staat van geest, geplaagd door visioenen en wanen van surrealistische en verwarde beelden, beschrijft ze haar leven en werk met haar kunstenaars: Félicien Rops, René Magritte en Marcel Broodthaers en Fabre zelve.

De kunstenaars die haar gebruikt, misbruikt, verbruikt hebben, voert zij op als de leugenaars van de verbeelding. Zij stelt zich de vraag of hun kunst geen vervalsing is.
De spoken met hun origineel
Ze hebben me gekleed ontworpen
Ze ontkleden met nog altijd
Ze hebben me gestolen, overal
Ze stelen nog als ijdele raven
Ze hebben me bedrogen waardoor
ze liegen om te liegen
de leugenaars
van de verbeelding


Met deze tegenstellingen tussen leugen en waarheid, de ware 'ik' en de afbeelding van deze 'ik' is deze theatertekst in het bezit van het motief van de dualiteit. Deze verdubbeling is echter een vervalsing, en dat is net wat de jonge vrouw hier aanklaagt.

Vervalsing zoals ze is, onvervalst verscheen in boekvorm in de anthologie Ik ben een fout, theaterscripts en theaterteksten 1975-2004 bij Uitgeverij Meulenhoff | Manteau, met ISBN-nummer 90 5990 025 1 en is niet meer leverbaar. Om de volledige tekst als onbeveiligde pdf te ontvangen of voor informatie over opvoeringsrechten, kan je contact opnemen met Troubleyn.

Er was eens
of er is nog steeds
een mogelijkheid
Welke?
Die mogelijkheid
die je verplettert
met haar verscheurende geilheid
die je hart, je hersenen, je binnenste verrimpelt
Je gebruikt, vernietigt, bezoedelt
je nieuw leven inblaast
en je als een vervalsing achterlaat

Ik was een model
Ik stond voor een bed
en fluisterde zacht tegen de sprei
likstokken met de smaak van
coca coca coca coca coca – cola
Ik was een model
Ik zat op een bed
en zong blij tegen de dekens
coca cola – THE REAL THING
Ik was een model
Ik lag in een bed
en schreeuwde en schreeuwde tegen de lakens
COCAINE RUNNING AROUND MY BRAIN
COCAINE RUNNING AROUND MY BRAIN
COCAINE RUNNING AROUND MY BRAIN
COCAINE RUNNING AROUND MY BRAIN
COCAINE RUNNING AROUND MY BRAIN
En het eindigde
VOL PROCAINE

tweemaal
zeg ik niet
zeg niet
dat ik het niet
gezegd heb

Voor mij de ruïnes van vrijheid en aids
Achter mij de ‘Speers’, de hamer en de sikkel
Onder mij de schoenen met tenen in de zee van mosselen
Tussen mij een kut, een versteende penis met drie ballen
Door mij het eeuwige leven en de leugen van de
verbeelding
In mij de witte sneeuw en de geur van het
Stuyvenbergziekenhuis
Ik was een model
Ik hoor de klokken
Ik hoor ze
Wie is de bruid?
Wie is het lijk?
in het glazen dodenbed
Wie is de roos?
in het graf van de worstelaars
in het bed van de worstelaars
Ik hoor ze
de klokken
Wie is het lijk?
onder glas
achter glas
om wie je hoort
brullen
schateren
klagen
en lachen
dat brullen, schateren, klagen en lachen
stilzwijgen wordt
Ja, zwijgen doen ze
Zwijgen als het graf
noch een ja-woord
noch een nee-woord
Wie is de roos?
uit het luisterhuis
het tranenhuis
het armenhuis
het warenhuis der stemmingen
Zij is een onvolprezen steun
voor de leugenaars van de verbeelding
Zij is een vrouw
Zij is dat andere
dat slechts alles gaf
Al haar geven
achter glas

tweemaal
zeg ik niet
zeg niet
dat ik het niet
gezegd heb

De witte rouw
De zwarte trouw
voor mij
achter mij
onder mij
tussen mij
door mij
in mij
draait alles rond
ik zie mezelf
de wereld, mijn hoofd
draait en draait
en alles komt
terug en terug
volgens het ritme van verrotting
en vernieuwing
van papegaaien en papegaaien
Ik hoor mezelf
zacht fluisteren
blij zingen
schreeuwen en schreeuwen
Was één begrafenis
niet genoeg voor mij?
Het bloed uit mijn neus stopt niet meer
en mijn hals wordt te nauw voor mijn geschreeuw
Het onbereikbare grijp ik
Het verbruikte spiegelbeeld
Mijn naam schrijf ik in het zwartboek
van de rustelozen
en dolgedraaid schik ik de bloemen
in de grond
Een poging tot het onmogelijke
voor die mogelijkheid
Die mogelijkheid ...
Onder een glazen stolp
gedroogde bloemen uit de afgrond
Ik hoor een stem vol kanker
zachtjes zingen
Maître Corbeau, sur un arbre perché,
tenoît en son bec un fromage
Maître Renard, par l’odeur alléché,
lui tint à peu près ce langage:
Hé ! bonjour, monsieur du Corbeau
Que vous êtes joli !Que vous me semblez beau !
Sans mentir, si votre ramage
se rapporte à votre plumage,
vous êtes le phénix des hôtes de ces bois’
A ces mots le Corbeau ne se sent pas de joie;
et pour montrer sa belle voix,
il ouvre un large bec, laisse tomber sa proie
Le renard s’en saisit, et dit : ‘Mon bon monsieur,
apprenez que tout flatteur
vit aux dépens de celui qui l’écoute :
cette leçon vaut bien un fromage, sans doute’
Le corbeau, honteux et confus,
jura, mais un peu tard, qu’on ne l’y prendrait plus


(FABRE, Jan, Vervalsing zoals ze is, onvervalst, In: Ik ben een fout, theaterscripts en theaterteksten 1975-2004. Meulenhoff | Manteau, 2004, pp. 401 – 404.)

Opvoeringsgeschiedenis
Vervalsing zoals ze is, onvervalst (1992 door Troubleyn)

Auteursrechten
De rechten worden beheerd door SABAM.

Foto's